Toen Sander mij vorig jaar vroeg of ik plaats wilde nemen in zijn dreamteam voor de Alpe d’HuZes hoefde ik daar geen moment over te twijfelen. Nadat de inschrijving opende had ik me dan ook meteen aangemeld.
Al snel vond ik via marktplaats een fietskoffer – wat me handig leek voor het vervoer van mijn fiets, maar uiteindelijk heb ik die niet eens nodig vanwege een leenfiets- die ik in Falun ging halen. Nu ik daar toch was, leek het me leuk om daar nog even een rondje te gaan rolskiën op het rolskiparcours. Dat was de eerste keer van het jaar dat ik weer op de rolski’s stond, en het bleek niet de beste keuze voor een eerste tochtje. Het begon met klimmen wat prima ging, maar vooral de afdalingen waren een stuk minder fijn. Omdat ik geen risico wilde nemen om te vallen en daarmee mijn hele winterseizoen in gevaar te brengen, besloot ik lopend op mijn langlaufschoenen met mijn rolski’s in mijn hand terug te gaan naar mijn auto.
Omdat ik daardoor toch tijd over had, ben ik nog even naar de discgolf baan om daar een rondje te lopen (en door de modder te glibberen).
Mijn racefiets, die sinds ik in Zweden woon niet meer zo vaak gebruikt wordt vanwege de beperkte hoeveelheid mooie asfaltweggetjes om te fietsen, werd ook onder het stof vandaan getoverd en ik maakte diverse rondjes in de kou en regen om alvast te trainen.
Om snel mijn streefbedrag van €2500,- binnen te halen ben ik direct nadat ik me heb aangemeld begonnen met het werven van donateurs – zeker niet mijn favoriete bezigheid, maar voor dit goede doel heb ik het er zeker voor over. Ook heb ik in Norberg flessen met lichtjes verkocht ten bate van KWF. Door alle donaties had ik dan toch voor het einde van 2025 mijn streefbedrag gehaald, waar ik zeer dankbaar voor ben. Door een technisch probleem met het ontvangen van mails over donaties, heb ik niet iedereen persoonlijk kunnen bedanken, maar weet: mijn dank is niet minder groot! Nogmaals dank aan alle donateurs!
Ook werd het tijd om eindelijk mijn fietsen in de garage beter op te hangen. Toen ik hier kwam wonen had ik van die fietshaken gewoon in de muur (een chique woord voor een simpel zachtboard wandje) geschroefd. Ik had al gezien dat de gaten in dit wandje steeds verder begonnen uit te lubberen, maar dacht ‘zolang het hangt, hangt het’.
In het najaar kwam ik op een ochtend in mijn garage en was het een slagveld. Een aantal van mijn fietsen en step was van de muur gevallen en lagen kriskras over elkaar heen. Mijn step had het zelfs gepresteerd om precies op zijn kop te landen. Deze valpartij was een signaal om dan toch echt iets anders te maken.
Dankzij een geniale tip van Machiel heb ik nu een mooie rail in mijn garage opgehangen, met haken waaraan mijn fietsen en steps hangen, die ik – zoals mijn vrienden zeggen – als een gordijntje heen en weer kan schuiven. Nu kan ik meer fietsen kwijt dan ooit tevoren – dus wellicht komen er nog fietsen of steps bij (de eerste plannen voor mooie avonturen zijn alweer in de maak ).
Omdat ik hier in het winterseizoen vanwege de sneeuw buiten niet zoveel kan fietsen, ben ik lid geworden van de fietsclub zodat ik ook in de winter nog wat extra kon trainen. Er vond – in theorie- 2x per week spinning training plaats. Helaas bleek dat regelmatig 0x per week te zijn omdat er weinig animo voor was, maar inmiddels had ik zelf ook een tweedehands spinning bike op de kop getikt zodat ik -in theorie- ook thuis kon trainen. In de praktijk is gebleken dat ik buiten fietsen 1000x leuker vind dan saai binnen in mijn eentje, dus van binnen trainen op mijn eigen spinning fiets is weinig gekomen. Op mijn roeiergometer heb ik dit jaar voor het eerst wel wat meer geroeid.
Uiteindelijk werd het aantal spinningtrainingen bij de fietsclub toch opgevoerd naar 3x per week, en ik ging dan ook altijd braaf op de fiets naar de training. Dat ging niet altijd goed.
Op weg naar een van de spinning trainingen hoorde ik opeens een knal en stond mijn (volgens Schwalbe ‘onplatbare’) band in een afdaling opeens leeg (en dus toch wel heel erg plat!). Even later zag ik waardoor dat kwam: een lange spijker was aan twee kanten dwars door mijn band geprikt. Toch best knap om dat voor elkaar te krijgen. Dat werd naar huis lopen en met mijn fatbike (die deze winter vanwege de vele sneeuw goed dienst heeft gedaan) naar de training gaan.
Nu het voorjaar is aangebroken ben ik weer diverse keren op de racefiets op pad geweest in Zweden. Ook de buitentrainingen van de fietsclub zijn weer van start gegaan. Daar keek ik erg naar uit omdat ik dacht dat dat een goede manier zou zijn om aan mijn snelheid te werken. Dat was vroeger (en toen was alles beter 😉) in ieder geval zo toen ik lid was van de fietsclub in Gemonde; daar werd stevig doorgereden en waren de trainingen echt intensief.
Tot nu toe is de training hier meer een ‘buitenritje’ en kan ik het niet echt training noemen, maar wie weet moeten ze aan het begin van het seizoen nog op gang komen.
Ook heb ik eind april een verrassingsbezoekje aan Nederland gebracht omdat een van mijn vriendinnen 50 werd (dat is bij mij nog heeeeeeel ver weg) en er voor haar een surpriseparty werd gehouden. Dat was erg geslaagd, want zo zag ik ook mensen die ik al meer dan 30 jaar niet gezien had.
Uiteindelijk werd het een heel leuk en nuttig verblijf in Nederland. Ik heb heerlijk gefietst, een rondje gemaakt met langlaufvrienden en meerdaagse tochten in mijn eentje. Mijn paspoort verliep in augustus 2026, en die moest ik òf bij de ambassade in Stockholm òf bij een van de 13 grensgemeentes verlengen – en overal waren lange wachttijden. Gelukkig was ik daarvan op de hoogte en had ik een tijd geleden al bij de gemeente Nijmegen een aanvraag ingediend. Tot mijn grote verrassing kon ik opeens in de week dat ik in Nederland was een afspraak maken in Nijmegen.
Het was mooi weer, dus besloot ik om op de racefiets – waar ik ook de Alpe d’Huez mee ga beklimmen- naar Nijmegen te gaan. Dat kon ik mooi combineren met een rondje fietsen langs en óver alle klimmetjes die die mooie omgeving te bieden heeft. Daarna fietste ik door naar Brabant voor een bezoekje aan Sander en zijn broer. De volgende dag fietste ik via Sanders zus en een langlaufvriendin (via 3 pontjes: altijd leuk voor het vakantiegevoel) weer terug naar Amersfoort. Zo had ik in 2 dagen 250 kilometer op de teller en combineerde ik het fietsen mooi met wat gezelligheid en bijpraten.
Mijn nieuwe paspoort kon ik de week erna ophalen. Voor de variatie besloot ik dit keer op de gravelbike van mijn broer naar Nijmegen te fietsen zodat ik ook een tentje kon meenemen en kon kamperen. De dag erna fietste ik nog een rondje over onverharde paden in de bossen in Duitsland en fietste ik daarna weer terug naar Amersfoort.
Zo ben ik afgelopen week wel aan mijn fietskilometers gekomen om toch redelijk voorbereid aan de start van de Alpe d’HuZes te komen.
Over precies 4 weken is het zover: donderdag 4 juni. Terwijl de meeste mensen zich dan nog eens omdraaien in bed, zit ik om 4:30 uur al op de fiets.
De Alpe d’Huez wacht dan op me: 14,5 kilometer klimmen (en dalen ☹), een gemiddeld stijgingspercentage van 7,9%, 1100 hoogtemeters en 21 haarspeldbochten. Mijn plan is om dat zes keer te doen. Of dat ook echt gaat lukken, dat durf ik niet te zeggen. Er spelen zoveel factoren mee: het weer, hoe mijn lichaam reageert, of mijn teamgenoten me nodig hebben – en misschien nog wel het belangrijkste: hoe het mentaal en emotioneel gaat.
Want deze tocht is voor mij meer dan alleen een sportieve prestatie. De strijd tegen kanker raakt me al mijn hele leven. Ik ken – net als zoveel anderen – te veel mensen die ziek zijn geworden of die we eraan hebben verloren. Ik verwacht dan ook dat het een emotionele dag wordt, met al die verhalen, al die mensen, en die ontelbare kaarsjes langs de weg.
Daarom heb ik voor mezelf besloten: die zes beklimmingen zijn geen must. Het is een mooi streven, maar geen doel op zich. Waar het écht om draait, is waarom we daar zijn.
Wil je nog bijdragen? Dat kan nog steeds via:
https://inschrijving.opgevenisgeenoptie.nl/fundraisers/KatjaKleinveld
(En heb je geen persoonlijk berichtje van me gehad: neem me dat vooral niet kwalijk – dat ligt aan het hardnekkige mailprobleem waar ik eerder over schreef)
Ondertussen train ik gewoon door, vandaag komen er weer 150 kilometers bij. Op dit moment sta ik op het punt om op de racefiets te springen voor een rit van 75 kilometer richting het ziekenhuis in Västerås. Tijd voor de tweejaarlijkse check – door mijn moeder omgedoopt tot de ‘tietenpletterij’. Oftewel: het bevolkingsonderzoek naar borstkanker. Want ook dát hoort erbij.
Zoals jullie merken ben ik weer helemaal bij (en blij!) met mijn blogs. Nog even en ik ga live… 😉
Tot de volgende keer!

Hoi Katja heel veel succes op de Alp. Je kan het Powervrouw.🚲🚲🚲🚲🚲🚲